By

Online communicatie, compulsief internetgebruik en psychosociaal welzijn

Developmental psychologyJongeren die veel gebruik maken van online communicatie vertonen zes maanden later vaker compulsief internetgedrag dan jongeren die geen of weinig gebruik maken van online communicatie. Dit geldt alleen voor vormen van online communicatie waarbij sprake is van een direct contact tussen de communicatiepartners (bijvoorbeeld bij instant messenger en chatrooms).

Daarnaast is instant messenger, in tegenstelling tot het gebruik van chatrooms, ook gerelateerd aan de ontwikkeling van depressieve gevoelens. De bevindingen suggereren dat gebruik van instant messenger kan bijdragen aan compulsief gebruik van internet en dat dit een risico vormt voor het psychologisch welzijn van jongeren.

Highlights

  • Vrijwel alle jongeren (99%) met een leeftijd tussen de 12 en 15 jaar maken tussen 2003 en 2004 gebruik van internet. In 2003 besteden ze gemiddeld 8 uur per week aan internet en in 2004 is dit gestegen tot 10 uur.
  • In 2003 en 2004 communiceert 93% van de jongeren online. Ze maken vooral gebruik van instant messenger en e-mail. Een minderheid (30-35%) van de jongeren maakt gebruik van chatrooms.
  • Er bestaan geen verschillen tussen jongens en meisjes in het gebruik van instant messenger en chatrooms. Meisjes mailen vaker dan jongens.
  • Jongeren die veel gebruik maken van instant messenger hebben meer depressieve symptomen vergeleken met leerlingen die weinig/geen gebruik maken van instant messenger.

Download hier de rapportage:

Van den Eijnden, R. J. J. M., Meerkerk, G.-J., Vermulst, A. A., Spijkerman, R., & Engels, R. C. M. E. (2008). Online communication, compulsive internet use, and psychosocial well-being among adolescents: A longitudinal study. Developmental Psychology, 44(3), 655–665.

Het beschreven artikel omvat hoofdstuk 5 in het proefschrift ‘Meerkerk, G.-J. (2007). Pwned by the internet. Explorative research into the causes and consequences of compulsive internet use [PhD thesis]. Rotterdam: Erasmus University Rotterdam.’

Methode: Herhaaldelijk vragenlijstonderzoek onder 663 leerlingen met een leeftijd tussen de 12 en 15 jaar, uitgevoerd in 2003 en 2004.